zondag 23 september 2018

Ga je aflossen of vermogen opbouwen met beleggen?


Met geld dat je over hebt kun je jouw hypotheekschuld verlagen. Je kunt er ook voor kiezen om het geld opzij te zetten om het te laten renderen. De spaarrente is bijna nul, dus sparen heeft geen zin. Is het geld beleggen en laten gebruiken om af te lossen een goede optie?

Voor zowel het aflossen als het beleggen geldt dat je het alleen moet doen met geld dat je over hebt. De aflossingen geven een besparing op de maandelijkse lasten, maar het gaat natuurlijk maar om een gering bedrag aan besparing. Het beleggen doe je voor de lange termijn. Er kleven risico’s aan, maar op langere termijn is het gevaar te overzien.

Wat zijn de nadelen van het extra aflossen?
Besef je goed dat je een extra aflossing later niet weer kunt terughalen. Met de aflossing wordt de overwaarde verhoogd. In principe krijg je dit bedrag pas weer beschikbaar na verkopen van jouw huis. In één keer een grote aflossing doen kan vaak niet. Je kunt namelijk jaarlijks maar een bepaald percentage van de hypotheek aflossen. Bij een grotere aflossing ben je een boete verschuldigd. Zodra de rentevast periode eindigt kun je wel een groter bedrag aflossen.

Het aflossen wordt minder aantrekkelijk
Huiseigenaren profiteren van de regeling van de hypotheekrenteaftrek, maar ze krijgen ook een fiscale bijtelling. Huiseigenaren met een (bijna) afbetaalde hypotheek krijgen de bijtelling ook niet. Deze zogenaamde eigenwoningforfait vervalt in dat geval. Maar dat gaat veranderen. In de toekomst krijg je dus weer een bijtelling. Zie het maar als een straf voor het aflossen.

Liever een vermogen opbouwen
Je kunt er natuurlijk ook voor kiezen om een kapitaal op te bouwen buiten de eigen woning. Dit heeft als nadeel dat het geld meetelt voor de zogenaamde vermogensrendementsheffing. Dit is een soort vermogensbelasting, maar het is maar een geringe heffing. Alle belastingplichtigen hebben ook nog eens een vrijstelling van €30.000 per persoon. Het voordeel is dat je jouw vermogen vrij besteedbaar houdt. Als je het geld over een aantal jaren toch anders nodig hebt, kun je er vrij over beschikken.

Het beleggen klinkt voor veel mensen eng, maar je kunt de risico’s beperkt houden. Je hoeft het geld namelijk niet riskant te beleggen.


donderdag 20 september 2018

Op een spaarhypotheek los je niet af, maar stort je bij

Het extra aflossen lijkt een trend te worden. Steeds meer huiseigenaren kiezen ervoor om de hypotheekschuld te verlagen door extra stortingen te verrichten. Dit wordt uiteraard mede ingegeven door ze zeer lage spaarrente van dit moment. In plaats van extra aflossen kunnen huiseigenaren met een spaarhypotheek beter extra geld in de aan de hypotheek gekoppelde spaarverzekering storten. Waarom is dat zo?

In een spaarhypotheek wordt er maandelijks niet afbetaald op de hypotheekschuld. Om de hypotheek op de einddatum in één keer af te kunnen lossen, wordt er een spaarkapitaal opgebouwd. Het unieke aan de spaarhypotheek is de rentevergoeding over het spaarkapitaal. Deze is namelijk gelijk aan de verschuldigde hypotheekrente. Dit maakte deze hypotheekvorm zeer populair in tijden met hoge hypotheekrentes.

Hoe kun jij de maandlasten van een spaarhypotheek verlagen?

Stel, je hebt een spaarhypotheek met een hypotheekrente van 5,5%. In deze tijden met zeer lage hypotheekrentes, is dit een hoog percentage. Het voordeel is dat je deze hoge rente uitbetaald krijgt over het spaarkapitaal in de polis. Door extra stortingen te verrichten, kun je een groot effect teweeg brengen in de waardeontwikkeling in de polis. Hierdoor kan de looptijd van de hypotheek ingekort worden of je verlaagd de premie van de spaarverzekering.

Hoeveel mag je maximaal extra storten

Je mag niet onbeperkt extra stortingen verrichten in de spaarverzekering. De hoogste storting in één jaar mag niet meer dan tien keer zo groot zijn als de laagste storting in één jaar. Als de premie €700 per jaar bedraagt, mag je door een extra storting niet boven de €7.000 in één jaar uitkomen.
Informeer bij jouw hypotheekadviseur naar de mogelijkheden!

zondag 16 september 2018

Overlijdensrisicoverzekering niet alleen voor huiseigenaren

Gezinnen die in een koophuis wonen hebben het financiële risico van het overlijden veel beter geregeld. Onterecht houden de meeste huurders geen rekening met het risico van het overlijden. Bij het afsluiten van een hypotheek is een overlijdensrisicoverzekering meestal verplicht. Bij overlijden van één van de huiseigenaren wordt de hypotheek geheel of gedeeltelijk afbetaald.

Gezinnen in een huurhuis moeten vaak noodgedwongen verhuizen als een van de huurders komt te overlijden. Met een maandelijkse premie van een paar euro zijn financiële problemen bij overlijden te voorkomen.

Is de huur nog op te brengen na overlijden van je partner?

Stel, je gaat samen met je partner een huis huren. Jullie komen door de hoogte van jullie gezamenlijke inkomen niet in aanmerking voor een sociale huurwoning. Maandelijks moeten jullie €850 aan huur betalen. Doordat jullie beide werken zijn de lasten te dragen.

Je partner komt te overlijden. De hoogte van de huur zal hierdoor niet veranderen, en na het overlijden moet jij van jouw inkomen de maandlasten kunnen dragen. Gaat dat niet lukken? Dan moet je op korte termijn op zoek naar een goedkopere huurwoning.

Wat zijn de financiële gevolgen van het overlijden voor huiseigenaren?

Banken stellen het afsluiten van een overlijdensrisicoverzekering bij een hypotheek vaak verplicht. In de meeste gevallen wordt ervoor gekozen om de hypotheek gedeeltelijk af te lossen bij overlijden van één van de huiseigenaren. Door de gedeeltelijke aflossing zullen de maandlasten sterk dalen. Na overlijden van je partner kun je in dat geval blijven wonen in de eigen woning.

Wat moeten huurders doen?

Alle huurders zouden een overlijdensrisicoverzekering moeten afsluiten. Bij overlijden van één van de kostwinners moet er een uitkering volgen waar minimaal twee jaar de huurlasten mee kan worden betaald. Als de huur €850 per maand bedraagt, moet je dus verzekeren: €850 x 24 = €20.400. In deze twee jaren heeft het gezin de kans op te zoeken naar een blijvende oplossing. Uiteraard kun je er ook voor kiezen om voor vier jaar de huurlasten te verzekeren.

vrijdag 7 september 2018

Hypotheek oversluiten niet altijd verstandig

Er worden op dit moment zeer veel hypotheken overgesloten, maar is dat altijd verstandig? Sommige hypotheekadviseurs denken teveel aan hun eigen portemonnee. Vraag altijd een second opinion aan.

Laatst sprak ik mensen die hun hypotheek over hadden gesloten en nu een annuïteitenhypotheek hebben. Voorheen hadden zij een beleggingshypotheek in combinatie met een aflossingsvrije hypotheek. Op uitnodiging van de hypotheekadviseur hebben zij samen naar de huidige hypotheek gekregen, en je haar het al…. Oversluiten was verstandiger.

Samen met deze mensen heb ik gekeken naar de vorige hypotheek en naar de huidige hypotheek. De nieuwe hypotheek is iets duurder in de maandlasten, maar de annuïteitenhypotheek zorgt wel voor een volledige aflossing gedurende de looptijd. Is heb ze wel gewezen op een nadeel van de huidige hypotheek ten opzichte van de vorige. De looptijd van de hypotheek is namelijk vijf jaar langer. Hier bleken ze niet van op de hoogte te zijn.

Ook als je geen verstand hebt van hypotheken, kun je dit soort situaties voorkomen. Vraag na een advies altijd een second opinion aan. Bij de meeste hypotheekadviseurs is het eerste gesprek gratis, dus vaak ook de tweede adviseur wat voor jou de beste keuze is. Na deze twee gesprekken beslis je pas met welke adviseur je in zee gaat.

Dit kan jou veel ellende besparen.

woensdag 5 september 2018

Een lage hypotheekrente is niet altijd gunstig

Op dit moment kun je bij het kopen van een huis profiteren van scherpe huizenprijzen en de hypotheekrente is ontzettend laag. Kopers van huizen zijn blij! Ook huizenbezitters die de rentevast periode moeten verlengen zijn blij, maar niet iedereen. Een lage hypotheekrente kan ongunstig zijn voor de spaarhypotheek.

Spaarhypotheken kunnen niet meer nieuw worden afgesloten, tenminste als je wilt profiteren van de regeling van de hypotheekrenteaftrek. Er zijn nog maar twee hypotheekvormen die recht geven op hypotheekrenteaftrek, namelijk de lineaire hypotheek en de annuïteitenhypotheek. Andere hypotheekvormen kan wel de regeling van de hypotheekrenteaftrek op van toepassing zijn, als de hypotheek is afgesloten vóór 2013. Huiseigenaren met een spaarhypotheek kunnen door de lage hypotheekrente tegen een probleem aan lopen. Bij het verlengen worden de maandlasten hoger.

Stel, je hebt nu een hypotheekrente van 5,5%. De rentevast periode loopt af en de rente daalt naar 3,5%. Dit lijkt goed nieuws, maar het kan slecht uitpakken voor de spaarhypotheek. Hoe komt dat?

In de spaarhypotheek wordt er gedurende de looptijd niet afbetaald op de hypotheekschuld. Hierdoor blijft de schuld maximaal. Aan de hypothecaire lening is een levensverzekering gekoppeld waarin een kapitaal wordt opgebouwd. Op de einddatum van de hypotheek is er in de polis voldoende waarde opgebouwd om de hypotheek in één keer af te kunnen lossen. Over het kapitaal wordt een rentevergoeding gegeven dat gelijk is aan de hypotheekrente.

Wat gebeurt er bij een renteverlaging? Het te betalen bedrag aan hypotheekrente daalt. Dit bedrag is fiscaal aftrekbaar, waardoor het fiscaal voordeel ook zakt. Over het opgebouwde vermogen wordt de rentevergoeding ook verlaagd. Omdat er op de einddatum voldoende vermogen in de polis moet zitten, moet de maandelijkse premie van de gekoppelde levensverzekering verhoogd worden.

Vooral bij spaarhypotheken waar al een flink vermogen is opgebouwd, kunnen de gevolgen groot zijn. Ondanks een lagere hypotheekrente, kunnen de hypotheeklasten dus omhoog gaan.